neerlandés » alemán

Traducciones de „aanpassen“ en el diccionario neerlandés » alemán (Ir a alemán » neerlandés)

aan·pas·sen1 <paste aan, h. aangepast> [ampɑsə(n)] V. trans.

1. aanpassen (passen):

aanpassen
een nieuwe jas aanpassen

2. aanpassen (passend maken):

aanpassen
de woonruimte aan de mens aanpassen

aan·pas·sen2 <paste zich aan, h. zich aangepast> [ampɑsə(n)] V. wk ww

aanpassen zich aanpassen (schikken):

aanpassen

Página en Deutsch | English | Español | Italiano | Polski